Over vertalen en wat de vertaler verder hoog zit

02 januari 2008

Goede voornemens

Allereerst een heel gelukkig nieuwjaar van ons allemaal, hier bij Vertaalbureau.nl! En, hebben we bij Vertaalbureau.nl nog goede voornemens? Jawel, maar ik kan alleen maar voor mezelf spreken. Vooruit maar.


1. Offerteaanvragen opvolgen


Echt opvolgen. Als u een offerte aanvraagt, en u heeft er binnen een werkdag nog geen gekregen, dan belt u mij, afgesproken?

En als ik een offerte maak en u heeft binnen een week niet gereageerd, dan bel ik u. Niet omdat ik denk dat ik u alsnog over de streep kan trekken, als u niet wil. Maar omdat er iets misgegaan kan zijn. De offerte kan in uw spamfilter zitten. U dacht dat uw aanvraag de opdracht al was, en mijn offerte de bevestiging. Of u heeft per ongeluk een offerte van de concurrent geaccordeerd. Al die dingen zijn wel eens gebeurd.

En als geen van al die dingen het geval is, wil ik graag weten waarom u niet akkoord bent gegaan. Waren wij te duur? Te langzaam? Vertrouwde u er niet op dat wij het volgens uw wensen zouden doen? En had een concurrent een beter aanbod dan wij, of ziet u bij nader inzien maar helemaal af van een professionele vertaling? Zolang wij die dingen niet weten, kunnen wij onze service niet verbeteren.


2. Minder vertalen


Waarom vertaal ik eigenlijk nog? Omdat ik van origine vertaler ben, natuurlijk. Het bloed kruipt waar het niet gaan kan. En ik ben een beetje eigenwijs - Russische teksten, en ook veel Engelse teksten en sommige Duitse teksten, vertaal ik eigenlijk liever zelf dan dat ik ze aan een collega toevertrouw. Ik zeg dan dat ik toevallig deze klant het beste ken, dat uitbesteden van zo'n klein vertalinkje niet kosteneffectief is, dat het onderwerp me buitengewoon goed ligt, dat het zo'n haast heeft dat er iemand NU moet beginnen te typen, en die iemand moet ik dan maar zijn...

Maar als directeur van Vertaalbureau.nl is mijn werk ervoor te zorgen dat onze klanten de vertalingen krijgen die ze nodig hebben. Naar alle mogelijke talen, in ingewikkelde formats, met scherpe termijnen. Er moet veel nagedacht, beslist en gemanaged worden.

En, zie boven, ik zou netjes de offertes opvolgen voortaan. Daar heb ik meer dan genoeg werk aan zonder dat ik zelf ook nog eens ga zitten vertalen. Zegt u anders maar gewoon, als het te lang duurt: "Zat u soms weer te vertalen, meneer Van den Berg?" Dan leer ik het misschien wel af.


3. Meer personeel aannemen


Indachtig de joodse vervloeking "Ik wens u veel personeel toe" heb ik jarenlang geprobeerd het team klein te houden. Groter dan vier man (intern natuurlijk, we werken inmiddels met maar liefst 300 freelancers) zijn we nooit geweest. Dit jaar moeten we daar overheen en dat vind ik moeilijk. In zo'n klein team moet het met ieder lid helemaal kloppen.

Ook aan dit goede voornemen mag u me houden. Laat ik even op "je" overgaan, want ik wend me nu tot collega's, en we zijn hier niet zo formeel: ben je een ervaren vertaler Engels-Nederlands of Nederlands-Engels en ben je het eenzame bestaan als freelancer zat, wil je een zeker inkomen en een stimulerende omgeving? Neem dan eens contact met mij op. Ben je letterenstudent en zit je aan het eind van je bachelors- of in je mastersopleiding: een betere stageplek dan bij Vertaalbureau.nl vind je niet snel. Als we het in je zien, kun je zo beginnen. Of weet je wat het is om vertaalprojecten te managen? Over een paar maanden hebben we een vacature. Je mag vast bellen.


4. Chinese les oppikken


Anderhalf jaar geleden, begin september 2006, begon ik Chinees te leren, maar zo in april 2007, halverwege de tweede lessenreeks, moest ik afhaken - te druk, ik moest bijna elke avond werken. En Chinees leren gaat niet zomaar, daar moet je wel wat voor doen zoals het in het oude radiospelletje heette. Je moet er, of in ieder geval, ik moet er, een halfuur per dag mee bezig zijn om in de les niet met je mond vol tanden te staan.

Als ik nu minder ga vertalen en meer personeel aanneem, zou ik misschien weer maximaal 9 uur per dag kunnen werken - en dan is er opeens tijd om mijn Chinees weer bij het begin van de tweede lessenreeks op te pikken.

Ik studeer trouwens aan de Chinese school Amsterdam. Als u in de buurt van Amsterdam woont en één avond in de week tijd kunt maken (plus een halfuur studie per dag dus), moet u beslist overwegen ook te komen. Niet omdat je er iets mee "kunt", maar niets zoveel voldoening geeft als iets moeilijks leren. Het maakt alles wat u doet leuker.


Vier goede voornemens, dat lijkt me meer dan genoeg. Maar een mooi aantal is het niet. Ach, natuurlijk... 5: deze website uitbreiden en verbeteren, en vooral meer bloggen natuurlijk! U hoort nog van me.

Labels: , , ,

04 februari 2007

Russisch en Chinees leren: de verschillen

Tijdens mijn eerste les Russisch zei docent Maurits Nederberg (cartsvo emu nebesnoe, zijn Russisch was prachtig en zijn Pools schijnt nog beter te zijn geweest) iets als: "Als we zo meteen het eerste themaatje uit het boek gaan doen, zal je getroffen worden door de lulligheid. De hele methode is lullig. Lullige tekstjes, lullige tekeningetjes. Dat past helaas bij de Sovjet-Unie, dat is in veel opzichten een heel lullig land."

Het was prettig dat meteen te weten. Als studenten konden we daarna smakelijk lachen om de lulligste verhaaltjes - zo was er De schoonheidsprijs (Priz za krasotu), over een lelijk meisje dat een schoonheidsprijs had gewonnen... voor de mooiste schaakpartij!!!!!!

Niets van dat soort grappen in de Chinese methode waar ik nu Chinees uit leer. "Lullig" is voor die methode ook niet het juiste woord. Welk woord zou wel passen? Bedenk het maar, dit is de eerste Chinese tekstje dat ik gelezen heb:
中国大,日本小。

王: 中国大吗?
马: 中国很大。
王: 日本大吗?
马: 日本不大,很小。
Dit plaatje hoort erbij (let ook op de grenzen die in de zee zijn getrokken):


En dit is de Engelse vertaling die de methode geeft:
China is big, Japan is small

Wang: Is China big?
Ma: China is big.
Wang: Is Japan big?
Ma: Japan isn't big, it's small.

Vreemd is, dat er tijdens de lessen eigenlijk geen grappen worden gemaakt over die thema's. Ik kan daar verschillende verklaringen voor bedenken: heterogene, internationale groep, gebrek aan geldingsdrang bij de leden, beleefdheid jegens de Chinese docente, de natuurlijke tolerantie van de wat oudere studenten (en die weer voortkomt uit het gelaten besef dat niets volmaakt is, een besef dat kan overgaan in waardering voor alles wat mensen überhaupt tot stand weten te brengen, inclusief dit leerboek). Maar vreemd blijft het.

Maar vandaag werd het de docente klaarblijkelijk wat te veel. In de officiële vertaling maar weer:
What is the population of China?

Zhang: Let me ask you a question. What is the population of China?
Wang: I don't know, a lot surely!
Zhang: Let me ask you another question, how long are the Yangtze and the Yellow Rivers?
Wang: I don't know, probably very long.
Zhang: So, what do you know?
Wang: I know that the population of Sichuan is very large, that China has a lot of bicycles and that Chinese people eat with chopsticks.
Zhang: Do you know where Confucius' birthplace is?
Wang: In Shandong.
Zhang: What else do you know?
Wang: Shandong is east of Shanxi. Hunan is south of Hubei.

De docente viel over Zhang's "Wat weet je eigenlijk wel?". Ze verzekerde ons dat het als erg onwellevend zou worden ervaren als je die vraag in het echt zou stellen. Ik hoop het maar.

Labels: ,

01 oktober 2006

Chinees leren 1

Vakantie voorbij, geen tijd meer om te bloggen, hebben trouwe lezers van deze pagina's misschien gedacht, als ze zo vriendelijk waren na te denken over de redenen van mijn radiostilte. De voornaamste reden daarvoor is echter dat begin september mijn cursus Chinees van start is gegaan.

Het leren van een taal gaat met pieken en dalen gepaard - niet alleen in wat je feitelijk leert, maar vooral ook in je eigen ideeën van wat je leert. Tijdens je pieken denk je: "Jaja, ik begin het te begrijpen, nu zit er schot in, het is nog maar een kwestie van tijd en dan praat ik gewoon mee". Tijdens je dalen: "Zoveel woorden. Zoveel regeltjes, zoveel idioom, zoveel uitzonderingen. Die moet je allemaal op de een of andere manier zien te onthouden. Dit is krankzinnig. Als je bedenkt hoeveel tijd het gekost heeft om het Nederlands op een serieus niveau te beheersen, en dat is dan mijn moedertaal, die ik dagelijks spreek."

Hoewel ik momenteel met mijn Chinees beslist niet in zo'n piek zit - laten we wel wezen, ik heb na een les van 2,5 uur kramp in mijn kaken zoals ik dat na mijn trouwdag van een hele dag grijnzen had, dat lijkt me toch een teken dat het nog niet vlot gaat - ben ik wel behoorlijk manisch. Ik pak naast mijn cursusmateriaal de boeken erbij die ik eerder had gekocht voor pogingen tot zelfstudie, wil alles dubbelchecken en probeer karakters te schrijven die ik nog helemaal niet hoef te kennen. Ik luister te pas en te onpas naar de cd.

En vooral: ik voel me schuldig als ik mijn schaarse vrije tijd níet gebruik om Chinees te leren. Een korte post derhalve.

Labels:

19 juli 2006

Lachen

Het voordeel van pas in september met mijn cursus Chinees te beginnen: ik kan, zoals ik altijd heb gedaan, vooruit bladeren in mijn leerboek, maar nu gaat dat eens niet ten koste van mijn huiswerk. Ik word ik getroffen door een uitleg over lachen.
Lachen (笑 xiào) is een afwijking van de conventie en kan een uitdrukking van verschillende emoties zijn:

  • Soms is het een reactie op een tragische situatie; in dit geval geeft het aan dat men afstand neemt van de gebeurtenissen of dat men de ander niet in verlegenheid wil brengen (惨笑 cănxiào).
  • Een uiting van boosheid of een manier om zijn boosheid te beheersen (冷笑 lěngxiào).
  • Een teken dat men iets niet begrijpt; in deze situatie wordt het gebruikt om geen gezichtsverlies te lijden.
Joël Bellasen, A key to Chinese speech and writing (Beijing 1997), p. 106

Als we ons even niet afvragen hoe zeker dit allemaal is, dan vind ik de tweede variant het verrassendst. Ik ken er geloof ik geen voorbeelden van, maar ik ben dan ook nog nooit in China geweest en ken weinig Chinezen.

Over de eerste variant schreef Adriaan van Dis uitgebreid in Barbaar in China (herinner ik me, heb het boekje niet bij de hand). Het lijkt op ons leedvermaak, maar dat is het niet echt, zoals ook blijkt uit de nuancering "om de ander niet in verlegenheid te brengen". Lachen uit onmacht is het meer. Ik ben bang dat deze vorm niet uniek is voor China, maar in alle samenlevingen voorkomt waar onrechtvaardigheid, het getroffen worden door het noodlot, zo gewoon is, dat andere reacties (helpen, verontwaardigd zijn, je sympathie uitspreken) zinloos zijn. "Ik lach om niet te huilen."

Ook de derde variant lijkt me niet uniek voor Chinezen. Ik werd er in Rusland vaak mee geconfronteerd. Maakte ik tijdens een gesprek een opmerking die buiten de verwachte clichés viel, dan werd daar vaak om gelachen. Goed, mijn minder dan perfecte Russisch zal meegespeeld hebben. Maar als ik een grappige taalfout maakte werd dat ook uitgesproken. Het kan dus inderdaad onbegrip zijn geweest - en onwil, a priori, om een buitenlander te begrijpen, want die begrijpt toch niets van Rusland.

Ik ervoer dat lachen altijd als uitlachen. Het was prettig geweest als er iets over in mijn leerboek Russisch had gestaan. Dat dat niet het geval was, heeft er ongetwijfeld mee te maken dat dat een Russiche uitgave was.

Labels: ,

01 juli 2006

Chinees leren

Dat is trouwens nog eens een verjaardagscadeau: een cursus Chinees bij de Chinese School Amsterdam. Een intellectuele uitdaging en nog nuttig ook. Mij overkwam het vandaag (gisteren inmiddels). Ik zal de trouwe lezers vanaf deze plaats op de hoogte houden.

Labels: